OABV Sportregelement

1.    OABV  – BOWLING

Het Onafhankelijk Antwerps Bowling Verbond is een VZW, die wedstrijdleagues voor Bowlers en Bowlingclubs in de Antwerpse regio organiseert.

 

2.    OOGMERKEN

De oogmerken van de O.A.B.V. zijn aangesloten leden in optimale voorwaarden de bowlingsport te laten beoefenen.

 

3.    ORGANISATIE, STRUCTUUR EN FINANCIEEL BEHEER

Hier zijn de door de Algemene Vergadering goedgekeurde standregelen van de VZW Onafhankelijk Antwerps Bowling Verbond van toepassing. Per seizoen zal minstens één Algemene Vergadering gehouden worden.

 

4.    SPEL- EN WEDSTRIJDREGLEMENTERING

Onderhavig sportreglement dient stipt te worden nageleefd. Waar nodig kan de bij de B.B.S.F. (Belgische Bowling Sport Federatie) toegepaste sportreglementering worden ingeroepen.

 

5.    RAAD VAN BESTUUR – DAGELIJKS BESTUUR

De Raad van Bestuur van de OABV vzw en het Dagelijks Bestuur van de OABV bestaan minstens uit 3 leden.

Het mandaat der Bestuursleden loopt over een termijn van 2 jaren voor de Voorzitter en 4 jaren voor alle andere Bestuursleden. Alle Bestuursleden zijn herkiesbaar. Om verkiesbaar te zijn moeten nieuwe kandidaten schriftelijk en ten minste 14 dagen voor de Algemene Vergadering hun kandidatuur bij de fungerende afdelingsvoorzitter indienen.

 

6.    SPORTCOMITE

Per wedstrijdleague (WDIT, CWOT, WWOD, WDOT en WZAD) worden afzonderlijke sportcomités opgericht door het Bestuur. Deze comités worden gevormd door de Sportleider enerzijds en de respectievelijke kapiteins van de deelnemende teams anderzijds. De comités brengen bij het Bestuur gepaste adviezen uit. Alle uiteindelijke beslissingen worden echter door het Dagelijkse Bestuur van OABV vzw genomen.

 

 7.    PROBLEMEN AANGAANDE SPORTREGLEMENTERING

Voor de behandeling van problemen aangaande sportreglementen is er ruggespraak tussen het Dagelijks Bestuur en Sportcomités. Indien dit wenselijk wordt geacht zal het Dagelijks Bestuur alle betrokken partijen in een onderlinge vergadering bij elkaar roepen. Via het Infobulletin worden de genomen beslissingen ter kennis van de leden gebracht. Problemen, die niet aan de hand van dit Sportreglement kunnen worden opgelost, zullen beslecht worden volgens de geldende reglementen van “F.I.Q.” (Fédération Internationale des Quilleurs).

 

8.    BOWLING-CENTRA

OABV organiseert wedstrijdleagues in volgende bowlingcentra :        

BOWLINGSTONES

- Antwerpen                      CWOT           

- Wommelgem                   WDIT, WWOD, WDOT en WZAD

 

Nieuwe centra komen steeds in aanmerking voor nieuwe leagues.

 

9.    SPEELAVONDEN, AANVANGSUREN EN REEKSEN

De OABV organiseert wedstrijdleagues op dinsdagavond, woensdagavond, donderdagavond en zaterdagmiddag. De aanvangsuren zijn in de respectievelijke wedstrijdkalenders aangegeven. Het Dagelijks Bestuur van de OABV kan hieraan, na gepast overleg te hebben gepleegd, eventuele wijzigingen aanbrengen. De inrichting van elk nieuwe speelseizoen berust alleszins bij het Dagelijks Bestuur.

 

10.    WEDSTRIJDLEAGUES EN BEKERKOMPETITIE

 

-        WDIT, CWOT en WDOT werken hun competitie af in

trioverband

-        WWOD en WZAD werken hun competitie af in dubbelverband

 

Elk seizoen wordt naast de normale wedstrijdleagues ook een Bekercompetitie ingericht. Deelname aan deze extra competitie is niet verplicht maar wordt door het Dagelijks Bestuur warm aanbevolen. Er wordt gespeeld in trioverband. Ook de ploegen uit de dubbelleagues kunnen aan deze competitie deelnemen. Er dienen dan wel drie (3) spelers opgesteld te worden.

Wat de praktische toepassingsmodaliteiten in dit verband betreft, gelden de in artikels 18 en 24 opgelegde voorschriften.

 

 

 

11.    SPELERS

Zowel mannelijke als vrouwelijke spelers mogen aan de competitie deelnemen. De minimum leeftijd voor deelname is vastgelegd op 8 jaar.

 

12.    SPELERSAANTAL

Per trio worden maximaal 10 spelers, per dubbel maximaal 8 spelers toegestaan. De namen van deze spelers (alsmede ook alle door het Dagelijks Bestuur nuttig geachte inlichtingen in verband met de spelers), latere wijzigingen, schrappingen of aanvullingen dienen door de Ploegkapitein ter kennis van het Dagelijks Bestuur gebracht te worden. Tijdens de laatste 3 wedstrijden van de competitie mogen geen spelers of speelsters opgesteld worden die tot dan toe nog niet deelnamen aan de lopende competitie.

 

13.    HANDICAP-LEAGUES

De competities van OABV-Bowling worden betwist volgens het handicapsysteem 70% van 200 scratch. Het gemiddelde van een speler wordt afgetrokken van 200. Van het bekomen getal wordt 70% weerhouden. De maximale handicap, die aan een speler kan worden toegekend, bedraagt dus 70.

 

14.    GEMIDDELDEN

Spelers, die reeds in vorige seizoenen deelnamen aan de KAVVV-Bowlingcompetities en die nu zijn overgestapt naar de OABV-competities, zullen bij aanvang van een nieuw seizoen starten met de laatste bij KAVVV-Bowling gekende handicap. Alle wedstrijdleagues van het seizoen 2015-2016 tellen hierbij en de laagst gekende handicap primeert.

In de eerste wedstrijd, die nieuwe bij de OABV aangesloten spelers betwisten, dienen deze spelers minimum 3 games af te werken. De begin-gemiddelden van elk van deze spe(e)lers(sters)   worden dan berekend op basis van deze drie eerste games. Nadien wordt de handicap, telkens de speler in kwestie bijkomende partijen betwist, na elke desbetreffende wedstrijdavond opnieuw berekend. Nieuwe spelers, waarover BBSF-gegevens bestaan, zullen met de handicap starten berekend op het laatste gekende gemiddelde bij de BBSF, vermeerderd met 15 games.

Na de eerste wedstrijdavond wordt bij het aantal geworpen kegels van die avond vijftien maal het gemiddelde van het vorige seizoen geteld. De eigenlijke starthandicap wordt hier dus berekend over 18 en zal daarna op deze manier ook iedere week herberekend worden.

 

 

 

15.    PLOEGKAPITEIN

De Ploegkapitein is de schakel tussen het Dagelijks Bestuur van de OABV en zijn team (zie ook artikel 6 aangaande de sportcomités). Hij of zij zorgt ervoor dat het wedstrijdblad juist en nauwgezet (in samenwerking met de ploegkapitein van de tegenpartij) wordt ingevuld met onder meer aanduiding van de eindscores, horizontale en verticale optelling van de scores. Door middel van cijfers in de daartoe bestemde vakken worden de wedstrijdpunten van beide ploegen aangeduid (het cijfer 2  bij winst en het cijfer 0 bij verlies). Bij gelijkheid van score wordt het cijfer 1 (één) in het vak van beide ploegen genoteerd. De kapitein van de thuisploeg (het team dat op de linkse baan aan de wedstrijd begint) is verantwoordelijk voor het invullen van het scoreblad.

Eénmaal het wedstrijdblad volledig is ingevuld wordt het door beide ploegkapiteins ondertekend. De home-ploegkapitein bezorgt daarna het wedstrijdblad terug aan de OABV-sportleider.

 

16.    WEDSTRIJDPUNTEN

Er worden twee punten toegekend per gewonnen partij, één punt bij gelijke score. Het is uiteraard duidelijk dat de respectievelijke handicappunten voor de toekenning van de punten telkens bij de scores moeten bijgeteld worden. In CWOT en WDOT worden per avond 3 games afgewerkt, in WWOD per avond 4 In totaal kunnen er dus in de trioleagues 8 en in de dubbelleagues 10 wedstrijdpunten behaald worden, telkens twee per gewonnen game en twee voor het hoogste eindtotaal van de gespeelde partijen.

 

17.    KLASSEMENT BIJ GELIJK AANTAL WINSTPUNTEN

In dit geval wordt de rangorde vastgesteld volgens het hoogst aantal gescoorde kegels, inclusief de handicap.

 

18.    TELAATKOMERS

Een speler of speelster, die in het bowlingcentrum aankomt wanneer de wedstrijd reeds begonnen is, krijgt de toelating de niet gespeelde hernemingen in te lopen. Voorwaarde is echter dat de tegenpartij haar vijfde herneming van het aan de gang zijnde spel nog niet beëindigd heeft. Als dit wel het geval is mag de telaatkomer slechts voor het daaropvolgende spel worden ingezet.

Voor de niet betwiste partij(en) wordt de zogenaamde blindscore aangerekend (zie artikel 19).

 

Zowel van de volledige als van de onvolledige ploeg wordt de sportieve naleving van de reglementen verwacht. Dit betekent geen vertragingsmaneuvers van welke aard ook !

 

 

 

19.    BLINDSCORE

De Blindscore bedraagt 145 kegels (inclusief handicap).

 

20.    VOLGORDE VAN SPELEN

De drie spelers, die de allereerste game zullen aanvatten, dienen hun naam op de eerste drie plaatsen van het wedstrijdblad in te vullen. De twee overige plaatsen mogen bezet worden door invallers. Op de telescores worden echter enkel de namen van de spelers, die de partij betwisten, vermeld. De spelers moeten, in de volgorde als vermeld op het wedstrijdblad, beurtelings één herneming spelen op één baan en de volgende herneming op de baan ernaast (Amerikaanse speelwijze). Op welke baan de respectievelijke ploegen beginnen is vermeld op het wedstrijdblad en is tevens opgegeven in de wedstrijdkalender.

 

21.    SPELEN BIJ NUMERIEKE MINDERHEID

Om een wedstrijd te spelen moet een team minimum met twee spelers aanwezig zijn. Voor de derde (afwezige) speler is de blindscore van toepassing. Zijn games dienen echter wél betaald te worden met het wekelijkse deelnamebedrag. De eerste speler moet telkens wachten voor de volgende herneming tot alle spelers van de tegenpartij hun desbetreffende beurt hebben afgewerkt.

In de dubbelleagues moet minstens één speler aanwezig zijn. Ook hier is voor de afwezige speler de blindscore van toepassing.

Wanneer een team op de geplande avond niet het vereiste aantal spelers heeft zal het andere team de 3 (trioleagues), respectievelijk 4 games (dubbelleagues) afwerken tegen het game-gemiddelde van de tegenstander (inclusief handicap).

Het game-gemiddelde wordt terug gevonden in het infobulletin. Het is het getal dat tussen haakjes vermeld staat in de rangschikking en door 3, respectievelijk 4 gedeeld dient te worden. De ploeg die niet speelt krijgt automatisch 0 punten. Dit systeem sluit dus niet uit dat ook de volledige ploeg geen wedstrijdpunten behaalt.

 

22.    UITSTEL VAN WEDSTRIJDEN EN FORFAITS

Aangezien elk trio 10 en elk dubbel 9 spelers kan opstellen wordt principieel geen uitstel van wedstrijden toegestaan.

Uitzondering wordt gemaakt in het geval van heirkracht (zie artikel 27). Bij forfaits is artikel 21 van toepassing.

Het uitstellen van wedstrijden wordt steeds bij één van de Bestuursleden aangevraagd. Enkel de Bestuursleden kunnen het uitstellen van een wedstrijd goedkeuren en toelaten.

Tijdens de laatste drie wedstrijden van de lopende kompetitie mogen in geen geval nog wedstrijden uitgesteld worden.

 

 

23.    FOUTEN OP WEDSTRIJDBLADEN

Als dit het geval mocht zijn brengt de wedstrijdleiding van de OABV Bowling de gepaste correcties aan. De twee betrokken ploegkapiteins worden hiervan dan ter goeder tijd op de hoogte gebracht.

 

24.    OPSTELLEN VAN RESERVESPELERS

Het is toegelaten reservespelers op te stellen. Deze kunnen in om het even welke game opgesteld worden, doch niet tijdens een game. Het maximaal aantal reservespelers per wedstrijd bedraagt twee. Dit wil zeggen dat per wedstrijd vijf spelers kunnen worden opgesteld. In de dubbelleagues bedraagt dit maximum aantal spelers eveneens twee, aangezien er 4 games gespeeld worden per wedstrijdavond. Verder dienen de reservespelers te voldoen aan de in artikel 12 gestelde eisen. Voor de handicapberekening is artikel 14 van kracht.

 

25.    KAMPIOEN

Het kampioenschap wordt per wedstrijdleague betwist over één doorlopende competitie.

Kampioen wordt het trio of dubbel dat na de reguliere competitie het hoogste aantal punten heeft behaald. Bij gelijkheid van punten geldt artikel 17 van dit sportreglement (het hoogste aantal gescoorde kegels).

 

26.    KLACHTEN

Klachten dienen schriftelijk aan het Dagelijks Bestuur bezorgd te worden. Indien nodig houdt het Dagelijks Bestuur hierover gepaste ruggespraak. De beslissing wordt schriftelijk bekend gemaakt.

 

27.    HEIRKRACHT

In geval van heirkracht (een volledige afwezigheid van de spelers van éénzelfde team door bijvoorbeeld auto-ongeval, sterfgeval of een andere onvoorziene omstandigheid) kan het Dagelijks Bestuur, na overleg met de betrokken ploegen en de bowlinguitbater, gepaste voorstellen doen. In dergelijk geval dient het betrokken team echter zo snel mogelijk de bevoegde instanties te verwittigen. Bij een eventueel verleggen van een wedstrijd dient deze bij voorkeur op voorhand doch in ieder geval maximum één week na kalenderdatum gespeeld te worden.

 

28.    INDIVIDUELE PRIJZEN

Om in aanmerking te komen voor een individuele prijs moet een speler of speelster minstens deelgenomen hebben aan 33% van de door zijn of haar team betwiste games of wedstrijden.

 

29.    TELESCORES

Deze dienen na iedere herneming van elke speler duidelijk ingevuld te worden. Enkel in het geval van twee of meer opeenvolgende “strikes” wordt hiervan uitstel geduld.

Dit artikel vervalt uiteraard in het geval van automatische puntentelling door de computer van de bowling-centra.

 

30.    ONVOORZIENE GEVALLEN EN AFWIJKINGEN

Alle maatregelen, die het Afdelingsbestuur in deze gevallen zal nemen, zullen in overeenstemming zijn met de vigerende reglementen van de “F.I.Q.”.

 

31.    DOPING

Elke overtreder van het dopingreglement, vastgesteld op een definitieve wijze door de disciplinaire commissie, zoals die voorzien is in het Decreet over de Medisch verantwoorde Sportbeoefening van 27.03.1991, of door een andere gerechtelijke instantie, wordt bij de eerste overtreding over een termijn van minstens drie maanden en hoogstens twee jaren uitgesloten van alle sportactiviteiten. Bij herhaling binnen de twee jaren wordt die termijn verdubbeld.

 

32.    ROKEN, ETEN EN DRINKEN

Er geldt een algemeen rookverbod binnen onze bowlingcentra. Uit respect voor de tegenstrever en onze sport is het verboden te eten en te drinken binnen de spelersruimte (de ruimte, waar de ploegen plaats nemen + de gang daarachter). Roken (buiten en na overleg met de tegenstander), eten (buiten de spelersruimte) en drinken (staantafels tussen de banen) mag uiteraard wél in de daartoe voorziene ruimtes.